Mallen maken in one easy lesson

Geschreven door Paul Nitzsche en Sjaak Hamelink.
Het artikel is eerder verschenen als handout bij een clinic tijdens de voorjaarsvergadering 2004 van de Contactgroep. Mocht u vragen hebben over dit artikel, maak dan gebruik van het contactformulier.

Soms is het noodzakelijk om, voor een specifiek modelbouwproject, gebruik te maken van serieproductie voor het fabriceren van bepaalde onderdelen. Om het door ons zelf gestelde doel te bereiken staan ons meestal verschillende methoden en technieken ter beschikking.

De methode waar die hier beschreven wordt, is door iedere modelbouwer eenvoudig toe te passen en biedt mogelijkheden in vrijwel alle schalen. Van N tot G en daarnaast op velerlei andere gebieden. Ondermeer in de reparatie en restauratie van…. u kunt het zo gek niet bedenken.

Origineel

Voorwaarde voor het succesvol vermeerderen van onderdelen is een goed en zuiver origineel. Dit onderdeel is de basis en het uiteindelijke resultaat staat of valt met de kwaliteit hiervan. Wees dus vooral zuinig op het onderdeel dat u gaat gebruiken om te vermeerderen. Berg hem na gebruik netjes op, zodat het weer beschikbaar is om nogmaals dienst te doen.

Niet te complex

Zeer gedetailleerde onderdelen kunnen soms problemen opleveren bij zowel het maken van de mal (het negatief) als het later te gieten positief. Het kan dan verstandig zijn om het onderdeel op te splitsen in stukken die eenvoudiger zijn te reproduceren. Het meerwerk, door het maken van een aantal extra mallen, verdient u zondermeer terug, doordat er minder afgietsels zullen mislukken. De verschillende onderdelen kunnen naderhand worden samengesteld.

Voorbereidend werk

Om een negatief van het origineel te ‘trekken’ dient een stukje voorbereidend werk te worden verricht, zoals:



De ‘bekisting’

Voordat met het gieten van de siliconenmassa kan worden begonnen, moet een kistje worden gemaakt rondom het origineel. Dit kistje dient eenvoudig van constructie te zijn om het naderhand gemakkelijk te kunnen demonteren. Het origineel plaatsen we op de bodem van de kist en monteren we met bijenwas of een beetje vaseline. Dit om te voorkomen dat de gietmassa onder het origineel kruipt. Deze methode kunt u toepassen voor eenvoudige onderdelen die met behulp van een enkelzijdige mal kunnen worden gemaakt. Heeft u onderdelen die dubbelzijdig zijn, dan kunt u ervoor kiezen om het af te gieten onderdeel halverwege in de bekisting ‘op te hangen’. Het kistje dient dan zover gevuld te worden dat nog net de andere kant van het onderdeel vrij blijft van siliconenmassa. Tenslotte drukt u een aantal paskegeltjes in de massa en het halve werk is gereed. Na droging worden de kegeltjes verwijderd, het siliconenoppervlak met vaseline of een ander soort scheidingsmiddel, ingesmeerd om hechting van de tegelmal te voorkomen. Tenslotte gieten we de gehele bekisting vol en een dubbelzijdige mal is geboren. De paskegeltjes hebben ervoor gezorgd dat de beide mallen perfect op elkaar passen.

Het aanmaken van de gietmassa

Gietmassa is er in vele verschillende kleuren en gradaties van stugheid. Afhankelijk van de grootte van het onderdeel en de structuur van het oppervlak zal u of voor het ene of het andere product kiezen. Bij onderdelen die vooral vormvast (bijv. ramen, deuren of de zijkant van een boxcar) dienen te worden gegoten, zal u voor een stugge massa kiezen. Een simpele rotsformatie kan worden afgegoten in een soepele mal, die u zelfs een bewust een zekere vervorming kunt meegeven.

De gietmassa wordt gemaakt door het toevoegen van verharder aan de vloeibare siliconenmassa. De hoeveelheid verharder dient in een bepaalde, per product voorgeschreven, verhouding te worden toegevoegd. Vaak is dit 5% verharder per hoeveelheid siliconen.

Tip: giet een dun straaltje siliconen uit de beker, zodat eventuele luchtbelletjes kunnen ontsnappen. Het mengen van de verharder en de siliconen doen we om dezelfde reden voorzichtig en met een flinke lepel, om zo min mogelijk lucht in te brengen.

Het afgieten van de mallen

Wanneer de mal gereed is, kunt u een aanvang maken met het gieten van de allereerste kopie. Voor het gieten gebruiken we een kunststof resin op basis van PU (Poly Urethaan). Voordelen: licht in gewicht, vormvast, gemakkelijk te bewerken en perfecte kopieereigenschappen. Het aanmaken en verwerken van de resin is altijd een race tegen de klok. Kies daarom altijd voor de langzaamst verhardende PU-hars. Bij complexe onderdelen is het vullen een secuur en tijdrovend werkje. Reden te meer om, zoals gezegd, moeilijke onderdelen te splitsen in simpelere secties.

De grootte van het onderdeel bepaalt de hoeveelheid aan te maken resin. Wanneer we een model bouwen in schaal H0, rekenen we nog in milliliters, In schaal G is dit ietsje anders. Zorg dat u niet te weinig aanmaakt. Te veel is nooit een probleem. U heeft altijd wel een aantal onderdelen bij u spoorbedrijf, die het afgieten waard zijn en waarvan u er nooit genoeg heeft. (bijv. oliedrums of gereedschapjes enz.)

De resin bestaat uit 2 componenten die in een gelijke verhouding bij elkaar dienen te worden gebracht. Hiervoor kan een injectiespuitje (met een handige milliliter aanduiding) worden gebruikt. Na het bij elkaar brengen, goed roeren en in een derde grotere spuit opzuigen, bent u gereed om met het, nu nog vloeibare, product aan de slag te gaan. Het vullen van de mal gebeurt van ‘diep naar ondiep’ en in kleine openingen of richeltjes kunt u het beste met een dunne afgeronde injectienaald de resin inbrengen om zodoende de lucht aldaar te verdringen.

Zoals het met alles is, baart oefening ook hier de kunst, en zult u na een uurtje of twee het resultaat kunnen bewonderen. Vaak ziet u dan ook de plaatsen die nog wat extra aandacht vergen bij uw volgende poging. ……………Succes!!





Zoek op deze site




Home